Bedrijfsmodellen

Voor de realisatie van breedband in het buitengebied zijn verschillende bedrijfsmodellen denkbaar. In de praktijk zijn er grofweg drie varianten. Deze bespreken we hier op hoofdlijnen.

Er zijn drie functionele lagen die in principe allemaal apart kunnen worden gefinancierd, gerealiseerd en beheerd: (1) het fysieke netwerk dat bestaat uit buizen en kabels, (2) de actieve apparatuur die de datatransmissie verzorgt en (3) de diensten zoals internettoegang en digitale televisie.

Aanleg en financiering door operator

Deze variant is voor consumenten het simpelst: een bestaande of nieuwe operator (een bedrijf dat netwerken beheert) legt het netwerk aan en verzorgt, eventueel met derde partijen, de levering van eindgebruikersdiensten over dat netwerk. Eindgebruikers kunnen kiezen om internettoegang af te nemen, mogelijk gecombineerd met een tv-pakket en telefonie, tegen landelijk geldende abonnementstarieven. De operator financiert de aanlegkosten. Om zeker te weten dat zo'n operator voldoende betalende klanten gaat krijgen voor dat nieuwe netwerk, doen ze vaak eerst een uitgebreid marktonderzoek, houden ze een reclamecampagne en regelen een voorinschrijving. Vaak combineert zo'n operator de aanleg in het buitengebied met aanleg in de kernen om de hoge kosten te dekken. De operator is eigenaar van het nieuwe netwerk, waarbij achterliggende financiers meestal bepaalde eigendomsclaims hebben in geval van bijvoorbeeld een faillissement. Maar als dit overal financieel haalbaar zou zijn, zou deze site niet nodig zijn geweest.

Operator legt aan met financieringsbijdrage van bewoners en/of lokale overheid

Met name in landelijke gebieden is de financiering van nieuwe netwerken lastig rond te krijgen. Er is meestal een hoog percentage voorinschrijvingen nodig. En financiering van de aanleg is vaak alleen mogelijk als bewoners en/of de lokale overheid een behoorlijke financiële bijdrage doet.

Die bijdrage van eindgebruikers kan bestaan uit hoge eenmalige aansluitkosten, of uit hogere maandtarieven over een langere contractperiode dan gebruikelijk is voor dit soort abonnementen.

In sommige gevallen kan en wil de lokale overheid de eenmalige aansluitkosten van eindgebruikers voorfinancieren tegen gunstige terugbetalingsvoorwaarden of kunnen ze zelfs bijdragen in de vorm van subsidie. De provinciale of lokale overheid kan ook besluiten de operator tegen gunstige voorwaarden een lening te verstrekken. Uiteraard heeft niet iedere lokale overheid de middelen tot zijn beschikking voor dit soort financiele steun.

Een door bewoners en/of lokale overheid opgerichte organisatie financiert én legt aan

Als bewoners en/of de lokale overheid in een bepaalde regio een grote gezamenlijke behoefte hebben aan de realisatie van snellere internetverbindingen, terwijl bestaande aanbieders geen oplossing kunnen of willen bieden, is de oprichting van een eigen organisatie een mogelijkheid. Dat kan in de vorm van een regionaal functionerend netwerkbedrijf of een netwerk coöperatie. Soms kunnen lokale bewonersinitiatieven ook door gemeentelijke of provinciale overheden worden gestimuleerd, gefaciliteerd of gesteund. Deze oplossing vereist wel de nodige technische en economische expertise én een lange adem. Zo moet de nieuw op te richten organisatie op lange termijn wel levensvatbaar zijn en er moeten voldoende bewoners zijn die klant willen worden en willen mee-investeren. Bij gemeentelijke of provinciale financiering of aansluitpremies moet bovendien aan een aantal staatssteun-technische voorwaarden worden voldaan, om te voorkomen dat er marktverstoring ontstaat. De nieuw op te richten organisatie wordt eigenaar van het nieuwe netwerk, waarbij achterliggende financiers inclusief de overheid vaak bepaalde eigendomsclaims kunnen leggen in geval van faillissement. De financiële kant van een breedbandinitiatief